Vorige week ontving ik nog een paar mensen thuis, op dit moment spreek ik iedereen aan de telefoon – al dan niet met video. Hij belde beneden aan de deur aan. Ik deed de deur boven met de zoemer open en liep vast naar mijn spreekkamer. Zo zorgde ik ervoor dat er anderhalve meter ruimte tussen ons bleef. ‘Joehoe’ hoorde ik hem roepen bij de voordeur voordat hij binnenliep. Ik grinnikte bij mezelf. Wat een vrolijke manier om zichzelf even aan te kondigen… Eenmaal bij mij binnen bleek hij toch iets minder vrolijk dan ik dacht.

Ik had hem anderhalf jaar geleden leren kennen toen hij zich bij me meldde omdat zijn huwelijk een jaar ervoor op de klippen was gelopen en hij maar niet over het verdriet heen kwam. Na een aantal gesprekken en wat nieuwe gedragsregels, was hij gelukkig weer wat opgeknapt en had hij weer zin gekregen om te daten. Tot zijn grote plezier bleken heel wat vrouwen in hem geïnteresseerd en had hij een flink aantal ‘avontuurtjes’, zoals hij me nu wat besmuikt vertelde. En na een jaartje had hij daar ook wel genoeg van en had zichzelf een ‘datepauze’ opgelegd. ‘Had ik dat maar niet gedaan’, vertelde hij me nu. ‘was ik maar gewoon doorgegaan, dan had ik toen misschien wel een partner gevonden met wie ik een vastere relatie kon aangaan. En dan had ik nu iemand gehad om deze rottijd door te komen.’

Mij viel in zijn verhaal vooral de spijt op die hij over zijn beslissingen had. ‘De besluiten die je in de afgelopen periode hebt genomen, waren op dat moment de juiste beslissingen. Die nu betreuren heeft weinig zin en daarmee doe je jezelf ook tekort.’ zei ik hem wat moraliserender dan ik normaal ben. Hij keek ook direct wat beteuterd.

‘Wat mis je nu het meest?’ vroeg ik hem. ‘Iemand om mee wakker te worden en in te slapen, iemand om mijn zorgen mee te delen en afleiding te zoeken. Iemand die ik kan koesteren en die ik kan helpen door deze tijd heen te komen.’  Hij miste de warmte van een nabije partner. Logisch. Normaliter hebben we  – ook als we geen partner hebben – vaak voldoende mensen om ons heen om de behoefte aan nabijheid te vervullen. Nu iedereen anderhalve meter afstand neemt, wordt het toch een stuk killer in ieders leven.

‘Zou het wat zijn om toch te gaan daten?’ suggereerde ik.

Hij keek me stomverbaasd aan. ‘Natuurlijk niet! Dat is toch veel te gevaarlijk nu?!’

‘Ik bedoel: zou het iets zijn om te gaan internetdaten? Gewoon de spanning van het daten weer op te zoeken en het alleen bij internetdaten te houden. Append en bellen kan je ook iemand leren kennen. En het virus draag je niet via video over hoor! Jezelf opsluiten in je huis is ook niet de weg om gelukkiger te worden. We hebben afleiding nodig en een beetje spanning helpt daar goed bij.’

Hij keek me wat ongelovig en verbaasd aan… Hij was niet zo online-minded. Maar misschien kon hij dat toch een beetje worden… Langzaam verscheen er een brede grijns op zijn gezicht.

We namen afscheid met de afspraak over twee weken nog eens te videobellen… ben benieuwd of hij dan bedreven is geworden in het videobellen.

Doe jij het al, internetdaten? Laat me weten hoe het je bevalt!

Liefs,

Hester

Delen is Lief

Stenen hart harteloos onbegrip Hester Schaart Liefdesverdrietpsycholoog liefdesverdriet

Ontvang gratis het

Heart-Break Magazine

Laat hieronder je naam en e-mailadres achter en je ontvangt regelmatig van ons tips hoe je om kunt gaan met een gebroken hart.

Dank je wel! Vanaf nu ontvang je regelmatig onze tips.